Huisnummer- en adreswijziging
Tilburg
Al vanaf de late middeleeuwen komen er straatnamen voor. Deze namen ontstonden in de volksmond en verwezen meestal naar de geografische ligging, terreingesteldheid, een bewoner, of naar het dorp of gehucht waar de weg naartoe leidde. Uithangborden, gevelstenen en andere kenmerken hielpen bij het onderscheiden en beschrijven van individuele gebouwen. Ook werd er gebruik gemaakt van zogenaamde belendingen, waarbij omliggende percelen of gebouwen werden beschreven.
In de Franse tijd werd, met het oog op belastingheffing, het gebruik van huisnummers verplicht. Tilburg werd administratief in 13 wijken en vanaf 1889 zelfs in veertien wijken onderverdeeld. De wijken werden aangeduid met een letter. Huizen werden per wijk genummerd waarbij het nummer vooraf gegaan werd door de letter van de wijk.
In 1880 nam de gemeenteraad het besluit om straatnaambordjes te laten vervaardigen en op 8 oktober 1881 stelde de gemeenteraad een eerste lijst met 87 straatnamen vast. Maar dit betekende nog niet dat de huisnummering per wijk verdween. Pas in 1910 ging men over tot straatgewijze nummering. De straten liepen hierbij van noord naar zuid en van oost naar west, met de oneven nummers aan de rechterzijde en de even nummers aan de linkerzijde. Alleen bij pleinen werd doorlopend genummerd. Dit systeem wordt tot op de dag van vandaag nog steeds gehanteerd in Tilburg.
Vooral doordat er steeds meer huizen werden gebouwd op open plekken tussen de bestaande bebouwing was het een aantal keren nodig om alle huizen een nieuw nummer te geven.